Beëindiging van de arbeidsovereenkomst [Deel 4/8]

ARBEIDSRECHT

Er zijn verschillende manieren waarop een arbeidsovereenkomst kan worden beëindigd. Een van deze manieren is beëindiging wegens een redelijke grond.

De werkgever kan de arbeidsovereenkomst beëindigen indien:

(1)          sprake is van een redelijke grond voor beëindiging en

(2A)        herplaatsing van de werknemer in een andere passende functie – al dan niet met behulp van                             scholing – niet mogelijk is, of

(2B)        herplaatsing in een andere positie redelijkerwijs niet van de werkgever kan worden verlangd.

Afhankelijk van de reden(en) voor beëindiging, dient de werkgever ofwel (a) toestemming voor opzegging aan het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV) te vragen, ofwel (b) de kantonrechter te verzoeken om de arbeidsovereenkomst te ontbinden.

Indien de arbeidsovereenkomst wordt beëindigd wegens (i) het vervallen van arbeidsplaatsen als gevolg van bedrijfseconomische omstandigheden, of (ii) in geval van langdurige ziekte (meer dan 2 jaar) van de werknemer, is de werkgever verplicht het UWV om toestemming voor opzegging te vragen (zie blog deel 5 van 8).

Indien de arbeidsovereenkomst wordt beëindigd wegens andere dan voornoemde dringende redenen (i en ii), dient de werkgever de kantonrechter te verzoeken de arbeidsovereenkomst te ontbinden (zie blog deel 6 van 8). Hierbij kan het bijvoorbeeld gaan om ongeschiktheid tot het verrichten van de arbeid of een verstoorde arbeidsverhouding.

Heeft u vragen over dit onderwerp? U kunt vrijblijvend contact met ons opnemen via het contactformulier, e-mailadres: info@noordamadvocatuur.nl of telefoonnummer 020 – 68 98 123.