Concurrentiebeding, relatiebeding en sociale media (deel 4)

ARBEIDSRECHT

Een concurrentiebeding in een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd is alleen rechtsgeldig als er sprake is van zwaarwegende bedrijfsbelangen. De werkgever moet die belangen aantonen. Hoe zit dit precies?

 Concurrentiebeding bij een arbeidscontract voor bepaalde tijd

Wanneer een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd wordt aangegaan, kan slechts een concurrentiebeding worden overeengekomen, indien er sprake is van ‘zwaarwegende bedrijfsbelangen’. De werkgever dient dan in het arbeidscontract of in een bijlage bij het arbeidscontract te motiveren waarom er zwaarwegende bedrijfsbelangen zijn om de
(ex-)werknemer aan het concurrentiebeding te houden. Daarnaast moet de werkgever aantonen dat op het moment dat de werkgever een beroep doet op het concurrentiebeding, dit zwaarwegende belang nog steeds aanwezig is.

Het concurrentiebeding is niet rechtsgeldig als de motivering op een later moment wordt toegevoegd.

Let op: Wanneer de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd vóór 2015 is ingegaan, dan hoeft de werkgever het concurrentiebeding niet te motiveren.

Ook hoeft de werkgever het concurrentiebeding niet te motiveren als het gaat om een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Zie ook ons eerdere blogbericht over het concurrentiebeding.

Concurrentiebeding niet rechtsgeldig als motivering op een later moment wordt toegevoegd

Het opstellen van de motivering van zwaarwegende bedrijfsbelangen dient gelijktijdig met het overeenkomen van het concurrentiebeding plaats te vinden en aan de werknemer kenbaar te worden gemaakt. Wanneer de motivering op een later moment, ná het aangaan van de arbeidsovereenkomst, wordt toegevoegd, is het concurrentiebeding niet rechtsgeldig, zo blijkt uit een uitspraak van de Kantonrechter Rotterdam.

In deze Rotterdamse zaak was werknemer per 1 april 2015 in dienst getreden bij werkgever voor de duur van 1 jaar. De arbeidsovereenkomst was al door partijen ondertekend op 18 februari 2015 en bevatte een concurrentiebeding. Op 30 maart 2015 zijn partijen een aanvulling op de arbeidsovereenkomst overeengekomen – eerst in die aanvulling was een motivatie voor het concurrentiebeding opgenomen.

De Kantonrechter oordeelde dat het concurrentiebeding niet rechtsgeldig is, omdat de motivering niet gelijktijdig met het overeenkomen van het concurrentiebeding heeft plaatsgevonden en aan werknemer kenbaar is gemaakt. Dat de motivering van het concurrentiebeding is toegevoegd op 30 maart 2015, nog vóórdat werknemer in dienst is getreden (1 april 2015), doet hier niet aan af.

Zie voor de volledige uitspraak: Rb. Rotterdam 18 oktober 2016, ECLI:NL:RBROT:2016:7885.

Heeft u vragen over dit onderwerp? U kunt vrijblijvend contact met ons opnemen via het contactformulier, e-mailadres: info@noordamadvocatuur.nl of telefoonnummer 020 – 68 98 123.