Heeft een werknemer het recht om thuis te werken vanwege de coronacrisis?

Dankzij de versoepelingen van de coronamaatregelen kunnen steeds meer mensen weer naar hun werk gaan. Toch blijft het advies van de overheid om zoveel mogelijk thuis te werken. Kan een werkgever zijn werknemers dwingen om weer naar kantoor te komen?

Geen recht op thuiswerken

Er bestaat geen absoluut recht op thuiswerken. Het advies van de overheid om zoveel mogelijk thuis te werken vanwege de coronacrisis maakt dit niet anders, zo oordeelde de Rechtbank Gelderland onlangs.1 In verband met de coronamaatregelen werkte de betreffende werkneemster sinds 15 maart 2020 vanuit huis op verzoek van de werkgever. Op 6 mei kregen alle werknemers het bericht dat iedereen weer op kantoor werkt en dat maatregelen zijn genomen om veilig te kunnen werken. De werkneemster verzocht de werkgever om thuis te mogen blijven werken. Zij wees onder meer op het overheidsadvies om zoveel mogelijk thuis te werken. De werkgever wees haar verzoek af. 

De rechter oordeelde dat het zeer algemeen geformuleerde overheidsadvies om zoveel mogelijk thuis te werken niet zó ver reikt dat de werkneemster daaraan een ‘recht op thuiswerken’ kan ontlenen. De werkneemster moet volgens de rechter gehoor geven aan de oproep van de werkgever om op kantoor te werken.

Thuiswerken alleen mogelijk met toestemming van de werkgever

Indien de werknemer thuis wil werken, kan de werknemer daartoe een verzoek doen bij de werkgever op grond van de Wet flexibel werken2. Iedere werknemer die ten minste een half jaar in dienst is bij de werkgever mag zo’n verzoek doen. De werknemer moet het verzoek schriftelijk en minimaal twee maanden vóór de gewenste ingangsdatum bij de werkgever indienen. 

De werkgever is overigens slechts verplicht om het verzoek serieus te overwegen. Indien de werkgever thuiswerken niet wenselijk acht, kan hij het verzoek dus simpelweg afwijzen. Bij afwijzing dient de werkgever de redenen schriftelijk aan de werknemer mede te delen. Pas een jaar na de afwijzing mag de werknemer opnieuw een verzoek indienen. Indien de werkgever niet binnen een maand vóór de gewenste ingangsdatum schriftelijk op het verzoek reageert, wordt het verzoek geacht te zijn toegewezen.

Voor kleine werkgevers met minder dan tien werknemers gelden bovenstaande regels niet. Werkgever en werknemer zullen dan in onderling overleg moeten treden over eventueel thuiswerken.

Goed werkgeverschap

In sommige gevallen kan ‘goed werkgeverschap’ meebrengen dat de werkgever moet bewilligen in het verzoek van de werknemer om thuis te werken. Bijvoorbeeld indien de werknemer (a) een kwetsbare gezondheid heeft, (b) de veiligheid op de werkvloer niet kan worden gegarandeerd en (c) het thuiswerken geen problemen voor de bedrijfsvoering oplevert. In een dergelijke situatie kan van een goed werkgever worden verwacht het thuiswerken toe te staan.

Werkgever moet zorgen voor een veilige thuiswerkplek

De werkgever moet zorgen voor een veilige werkplek, óók de thuiswerkplek. Indien de werknemer thuis werkt, moet de werkgever instructies geven voor een veilige thuiswerkplek. Zo moet de werkgever nagaan of de thuiswerkplek ergonomisch is ingericht en dat de werknemer voldoende pauzes neemt. Dit kan bijvoorbeeld met behulp van een thuiswerkovereenkomst en/of met behulp van een checklist, die de werknemer eens in de zoveel tijd moet invullen.

Thuiswerken in een ander land

Veel buitenlandse werknemers (expats) zijn door het coronavirus teruggekeerd naar hun thuisland en werken daar vanuit huis. Wanneer een werknemer (langdurig) in een ander land dan het gewoonlijke werkland werkzaamheden verricht, kan dit gevolgen hebben voor de sociale zekerheid en belastingheffing en een eventuele Nederlandse verblijfsvergunning. Ook kan het gevolgen hebben voor de van de 30%-regeling, indien van toepassing. De precieze gevolgen hangen onder meer af van de regelgeving van het land van waaruit de werknemer zijn of haar werkzaamheden gaat verrichten en van de verblijfsduur in het buitenland. 

Mocht de werknemer ziek worden, dan dient de werknemer een arts in het thuisland te bezoeken, welke de mogelijkheden van de werknemer om te werken onderzoekt. De werkgever kan de werknemer niet verplichten om de bedrijfsarts in Nederland te bezoeken. 

De verplichting van de werkgever om te zorgen voor een veilige thuiswerkplek blijft onverkort gelden, ook indien de werknemer in het buitenland werkt.

Het is raadzaam dat werkgever en werknemer in onderling overleg goede afspraken maken over thuiswerken in het thuisland van de expat. 

Heeft u vragen over dit onderwerp? U kunt vrijblijvend contact met ons opnemen via het contactformulier, e-mailadres: info@noordamadvocatuur.nl of telefoonnummer 020 – 68 98 123.


1 Rechtbank Gelderland 16 juni 2020, ECLI:NL:RBGEL:2020:2954.

2 Deze wet is op 1 januari 2016 in werking getreden.